Doelen
Vanuit de speerpunten uit de toekomstvisie en de diverse beleidsplannen, waaronder het Integrale beleidsplan Openbare Ruimte (IBOR), Watertaken- en Mobiliteitsplan, zijn er doelen gesteld voor de openbare ruimte.
Doelen | |
1 | Een schoon, heel en veilige openbare ruimte (niveau B) |
2 | Een groene klimaatbestendige openbare ruimte (3-30-300 regel) |
3 | Een toegankelijke openbare inclusieve ruimte (waaronder 200 regel) |
4 | Een duurzame openbare ruimte (duurzame producten) |
5 | Verbeteren van de wegenstructuur, (ervaren) verkeersonveiligheid en het risico op ongevallen |
6 | Een veilige, gezonde en klimaatbestendige leefomgeving en een toekomstbestendige waterketen |
Een schoon, heel en veilige openbare ruimte (niveau B)
Het streefniveau voor de totale openbare ruimte is B waarbij een C en een D niet meer acceptabel zijn. Voor de centra, invalswegen en begraafplaatsen streven we naar een A als is een B is nog steeds acceptabel en een C niet. Een D niveau is niet acceptabel in de wijken of industriegebieden.

Wat houdt de 3-30-300 regel in?
De 3-30-300 regel is ontworpen om stedelijke gebieden leefbaarder en klimaatbestendiger te maken. De regel bestaat uit drie componenten:
- Drie(3) zichtbare bomen: Elke bewoner moet vanuit huis, werk of school minstens drie goed gevestigde bomen kunnen zien. Dit bevordert mentale ontspanning, herstel van stress, creativiteit en productiviteit, en draagt bij aan fysieke en mentale gezondheid.
- 30% klimaatgroen: Minstens 30% van de oppervlakte van een wijk moet bestaan uit groen dat bijdraagt aan klimaatadaptatie, zoals bomen, parken en andere vegetatie. Dit helpt het stedelijk hitte-eilandeffect te verminderen, lucht te koelen en wateroverlast te beperken.
- 300 meter toegankelijk groen: Iedere bewoner moet binnen 300 meter van een publieke groene ruimte van minimaal 1 hectare kunnen wonen. Dit vergroot de toegankelijkheid tot recreatie en sociale interactie en versterkt biodiversiteit en ecosysteemdiensten.
Wat houdt de 200 regel in?
Elk kind moet binnen 200 meter van zijn of haar woning een plek kunnen bereiken zonder het moeten oversteken van drukke straten.
Daarnaast willen we de openbare ruimte toegankelijk en aantrekkelijk hebben voor alle doelgroepen waaronder mindervaliden en ouderen.
Duurzame openbare ruimte
We zetten in op het gebruik van duurzame producten in de openbare ruimte. Voorbeelden hiervan zijn:
- Straatbakstenen i.p.v. betonnen stenen (meer dan dubbele levensduur)
- Conventionele armaturen vervangen door energiezuinige LED armaturen
- Toepassen dikkere betontegels in trottoirs (minder onderhoud en langere levensduur)
- Hergebruik van vrijgekomen producten
Mobiliteitsplan
In het mobiliteitsplan zijn verschillende doelen geformuleerd voor de verschillende vervoersmodaliteiten. In hoofdlijn streven deze doelen naar een verbeterende wegenstructuur voor de goede afwikkeling van het verkeer, het verbeteren van de verkeersonveiligheid. Hierbij kijken we ook aan de ervaren onveiligheid. Ook zijn maatregelen gericht op het voorkomen van onveiligheid; de zogenaamde risico-aanpak.
Watertakenplan 2026-2029
Het hoofddoel van de riolering is om afvalwater uit gebouwen en de gebouwde omgeving te verwijderen en om hemelwater te verwerken. Daarmee wordt contact met vuilwater voorkomen en worden gezondheids-en overlastrisico’s voor bewoners en gebruikers beperkt. De riolering vormt een omvangrijk systeem en het in stand houden ervan kost geld. Met het inzamelen en transporteren van vuilwater en (overtollig) hemelwater en grondwater dragen riolering, het (grond)watersysteem en de inrichting van de buitenruimte bij aan de leefbaarheid in de dorpen en steden.
Verder werken we aan een klimaatbestendige openbare ruimte. We moeten en willen
meer maatregelen nemen en in de bestaande omgeving doen we dit in stappen. Bij ieder
inrichtingsproject houden we rekening met klimaatadaptatie.
Tevens leveren wij een bijdrage om binnen onze gemeente gelegen waterwinningen op een duurzame manier te beheren, zodat er voldoende schoon water beschikbaar blijft voor menselijk gebruik, landbouw, industrie en natuur, zonder dat deze overbelast raken of vervuild worden.